“Toen ik een relatie kreeg, ging hij ervan uit dat ik de pil al gebruikte. Ik zei dat dit niet zo was. Hij vroeg of ik dat wilde doen, omdat condooms niet zo fijn zitten.” In de praktijk blijkt keer op keer dat de verantwoordelijkheid voor anticonceptie op vrouwen aankomt. Niet zo gek, als je bedenkt dat er voor vrouwen negen opties zijn terwijl er voor mannen maar drie zijn. Maar it takes two om zwanger te worden, en it takes two om een zwangerschap te voorkomen.

 Door Dagmar Pluijm en Saar Boonstra 

Sinds 1964 kunnen vrouwen in Nederland de pil gebruiken. Toentertijd was de komst van de pil groots voor de financiële en seksuele onafhankelijkheid van vrouwen. In 2017 gebruikte 66 procent van de seksueel actieve vrouwen tussen de 18 en 49 jaar anticonceptie. De pil is nog steeds de meest populaire optie, vooral onder jongeren. Dit blijkt uit cijfers van Rutgers.

Maar de cijfers vertellen het eigenlijk al. Anticonceptiegebruik komt voornamelijk op vrouwen aan. 14 procent van de bovengenoemde groep gebruikt condooms. De cijfers over een gesteriliseerde partner zijn te klein om te benoemen. Toch is het niet zo gek dat het voornamelijk op de vrouw aankomt. Waar de vrouw veel opties heeft, heeft de man er maar drie.

Wanneer je met je muis op de bolletjes klikt, komt er een kader omhoog met uitleg over de genoemde anticonceptiemethode. 

Onderzoek, onderzoek, onderzoek  

Gregory Pincus en John Rock ontwikkelden in de jaren 50 anticonceptie voor vrouwen, maar het onderzoek naar anticonceptie begon oorspronkelijk met de focus op mannen én vrouwen. Dat onderzoek werd gefinancierd door de oprichters – en vrouwenrechtenactivisten – van Planned Parenthood. De dames overtuigden de onderzoekers om alleen op vrouwen te testen. Dit omdat de mannen al een manier hadden om zwangerschap te voorkomen, namelijk: het condoom. Toen kwam de vrouwenpil dus op de markt. Daar stopte het onderzoek naar mannelijke anticonceptie niet.

Ook hier in Nederland werd onderzoek gedaan naar een mannenpil. Dat gebeurde bij farmaceutisch producent Organon – wat nu MSD heet. In 2003 kwamen er hoopvolle berichten in de media. Een aantal jaar laterstopte ze met het onderzoek door een samenwerking met partner Schering die stukliep. Daarnaast heeft MSD geen gebruiksvriendelijke toedieningsvorm kunnen ontwikkelen voor het middel. Jurgen Theissen, woordvoerder bij MSD, legt uit hoe die ‘pil’ dan precies in elkaar zat: ‘’Weliswaar in de vorm van een implantaat: twee per jaar en daarnaast elke 10 tot 12 weken een injectie testosteron. Het implantaat met progestageen remde bij mannen de productie van spermacellen, maar verminderde ook de mannelijke kenmerken. Daarom was de injectie met testosteron nodig, om de mannelijke kenmerken op peil te houden. Oftewel: niet gebruiksvriendelijk genoeg.’’

Wat als ‘niet gebruiksvriendelijk’ wordt beschreven, is onder anderen een afname van spermacellen. Gynaecoloog Jesper Smeenk verklaart hoe ingrijpend dit daadwerkelijk is: ‘’Een verminderde spermaproductie is helemaal niet zo erg en bijna altijd van voorbijgaande aard.’’ MSD noemde daarna bijwerkingen als verlaagd libido een belemmering voor de productie. Smeenk: ‘’Een mannenpil heeft als doel om uiteindelijk minder sperma te produceren en om dat op een veilige manier te bereiken zijn er zeker bijwerkingen. Dat is nodig als je de ‘fabriek’, ofwel testikels, wil stilleggen. Je gaat dan last krijgen van hormonale veranderingen aangezien deze hormonen ook door dezelfde testikels worden aangemaakt.’’

Echter is een verlaagd libido ook een bijwerking bij de vrouwelijke anticonceptiepil, dat wel voor lief wordt genomen. Bij het ontwikkelen van de mannenpil wordt strenger op de bijwerkingen gelet. Die mogen niet erger zijn dan de bijwerkingen die vrouwen ervaren. Voor vrouwen is seks risicovoller dan voor mannen. Daardoor ligt de grens voor wat acceptabel is als bijwerking voor mannen een stuk hoger.

Mannelijke anticonceptie ontwikkelen is dus niet voor Nederland weggelegd. De rol van de Nederlandse farmaceutische industrie binnen de EU slinkt dan ook, blijkt uit een onderzoeksrapport van het CBS. Gek is dat niet volgens farmaceut Annemieke Horikx, aangezien farmaceutisch multinational Organon werd overgenomen door het Amerikaanse MSD. ‘’Het ontwikkelen van geneesmiddelen kost ontzettend veel geld, tijd en kennis. Nu we in Nederland geen grote instellingen meer hebben die dit kunnen leveren, zal er vanuit ons land ook niet zo snel zo’n onderzoek plaatsvinden als die naar de mannenpil. Amerika bepaalt wat er gebeurt en Nederland heeft daar geen inspraak in’’, Zegt de deskundige van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering Pharmacie (KNMP).

De mannenpil is er, of toch niet? 

Nadat het onderzoek in Nederland werd stilgelegd, hebben onderzoekers wereldwijd niet stilgezeten. Momenteel zijn er vier redelijk hoopvolle onderzoeken bezig in Amerika, drie daarvan zijn hormonale middelen. Dat zijn de Nes-T gel, de Vasalgel - waar ook een Indiase versie genaamd RISUG van is - en de DMAU pil. Er wordt ook gewerkt aan een non-hormonaal middel.

Ineke van der Vlugt, programmacoördinator anticonceptie en abortus bij kenniscentrum Rutgers, denkt dat een non-hormonaal middel meer kans heeft om op de markt te komen. “We merken dat mannen en vrouwen een voorkeur hebben voor non-hormonale middelen. Er is een groep vrouwen die bijwerkingen ervaart, zij willen van de hormonen af. Voor mannen denk ik ook zeker dat een non-hormonaal middel meer kans heeft om op de markt te komen. We merken dat mannen angstig zijn voor de bijwerkingen, dat zal ook komen doordat het voor hun nog onbekend terrein is. Los van die bijwerkingen denken we wel dat er in Nederland een groep mannen is die de pil zou gebruiken. Dit zullen wel mannen zijn die al een vaste relatie, met veel onderling vertrouwen, hebben.”

Als je op de roze vierkantjes klikt krijg je uitleg over het anticonceptiemiddel. 

Dat non-hormonale middel is de EP055. Het wordt in Amerika ontwikkeld door opkomend farmaceutisch bedrijf Eppin Pharma. Deze wetenschappers hebben aangetoond dat mannen onvruchtbaar worden als je twee belangrijke eiwitten in het transport van sperma uitschakelt. Dat houdt in dat het sperma geen signaal krijgt om in beweging te komen en dus de eicel niet bereikt. De afgelopen jaren is er getest op resusapen (veelvuldig gebruikt proefdier) die een hoge dosering kregen. Het middel is daarna veilig en effectief gesteld. ‘’Momenteel zijn we bezig met een goedkeuring van de Amerikaanse voedsel en warenautoriteit (FDA). Als die binnen is, betekent dit dat we groen licht hebben om te starten met het testen op mensen. Daarna zal het nog zeker een aantal jaar duren voordat de pil op de markt verschijnt en een ‘drug license’ is verkregen. Een geneesmiddel ontwikkelen duurt nu eenmaal lang’’, zegt Dr. Michael O’Rand, hoofdonderzoeker van Eppin Pharma.

Maar de EP055 of de andere middelen zijn er nog niet. Toch komt er eens in de zoveel tijd een nieuwsbericht voorbij met een titel zoals ‘Hij bestaat en hij werkt: de mannenpil’. Die nieuwsberichten verschijnen meestal nadat er weer een testfase succesvol is afgerond, of wanneer er vorderingen zijn in het onderzoek. Hoewel die vorderingen goed nieuws zijn, zorgen de nieuwsberichten voor verwarring. De mannenpil is er nog niet en gaat er de komende tien jaar nog niet zijn. Charles Picavet is cultuurpsycholoog en heeft onderzoek gedaan naar anticonceptiegebruik in Nederland. “Er wordt al sinds de jaren zeventig gezegd dat er binnen tien jaar een mannenpil op de markt gaat verschijnen. Er zijn wel onderzoeken naar mannelijke anticonceptie bezig, die zijn beperkter dan de onderzoeken naar middelen voor vrouwen. Voor vrouwen is er natuurlijk al meer, dat maakt het doen van onderzoek makkelijker. De gel lijkt voor nu de meest realistische optie. Er zijn drie testfasen op mensen, die gel zit in fase 2b. Dat is hoopvol, maar dat neemt niet weg dat het nog steeds ontzettend lang kan duren.”

De verantwoordelijkheid bij de vrouw 

De mannen moeten dus nog even wachten op de hormonale – of non-hormonale middelen. Dat betekent wel dat de vrouwen nu voor een groot deel verantwoordelijk zijn en de gezinsplanning bepalen. Dat brengt ons weer bij een compleet ander onderwerp: hoe zit het met het sociaal-culturele aspect van anticonceptiegebruik? Vrouwen hebben meer opties en vrouwen kunnen zwanger worden, dus er heerst een stigma dat anticonceptie een vrouwending is. Dat wordt er op de middelbare school – en misschien wel eerder – met de paplepel ingegoten. Tijdens de biologielessen wordt het onderwerp alleen behandeld wanneer het gaat over zwangerschap en menstruatie. Hier en daar wordt een condoom genoemd. Daar blijft het ook bij.

Voor dit onderzoek is een enquête afgenomen, de groep respondenten is niet groot genoeg om het representatief te laten zijn. Hier een greep uit de antwoorden, je kan ze lezen als je op de hoofdjes klikt: 

Ook wordt anticonceptie ontzettend naar vrouwen gemarket, kijk bijvoorbeeld op anticonceptie.nl. Dat idee komt ergens vandaan. Hoe vrouwen voorheen de pil als een overwinning zagen, willen ze nu wel eens van die hormonen af. In een artikel van NOS zegt Rik van Lunsen, hoofd Seksuologie van het AMC en de Stichting Anticonceptie, dat een van de redenen van de afwezigheid van mannelijke anticonceptie de vrouw is: “Die zou de controle over anticonceptie uit handen moeten geven, en dat gaan vrouwen nooit doen.” Het is een feit dat vrouwen direct geraakt worden door verkeerd gebruik van anticonceptie. Dat geldt voor de man ook. Er heerst een idee dat vrouwen mannen niet vertrouwen met dit soort dingen. Mannen zouden een pil kunnen vergeten, maar vrouwen kunnen ook wel eens een pil per ongeluk overslaan. Als we de onuitgesproken sociale regels mogen geloven, is het voorkomen van een baby dus een zaak voor vrouwen. Toch kunnen mannen ook hun steentje bijdragen.

Het krijgen van een kind doe je samen, dus anticonceptie gebruik je samen. Op 26 september was het Wereld Anticonceptie Dag en sinds 2018 is Rutgers jaarlijks bezig met een campagne om anticonceptie een gedeelde verantwoordelijkheid te maken. Van der Vlugt: “Er zijn vooral vrouwelijke methodes, maar mannen willen wel betrokken zijn.” Uit onderzoek van Rutgers blijkt dat vrouwen vaker vinden dat beide geslachten verantwoordelijk zijn voor anticonceptie. In de praktijk is de verdeling van verantwoordelijkheid vaak niet gelijk. “Met de cijfers van dit onderzoek willen we laten zien dat mannen zich ook verantwoordelijk voelen. Door die positieve boodschap proberen we mannen te motiveren. We zien ook dat vrouwen mannen niet altijd de ruimte voor bijdrage geven, omdat ze zelf de regie willen houden. Mannen willen graag meedenken en meebeslissen. In de praktijk wordt dat niet zoveel uitgevoerd. Veel mannen denken dat het een vrouwending is, denk ik. Dat kan liggen aan gebrek aan kennis en daar willen we met onze campagne op in gaan. Seks heb je samen, dus ongelukken voorkom je samen.”