Wie als student een woning zoekt, kijkt vast wel eens op sociale media. Vooral in Facebookgroepen worden woningen te huur aangeboden. In deze advertenties komen termen als ‘Dutch only’ en ‘no internationals’ regelmatig voor. Hierdoor worden internationale studenten bij voorbaat geweigerd, met soms dakloosheid tot gevolg. Deze ‘kamerdiscriminatie’ wordt versterkt door de woningcrisis en vormt een langdurig probleem. Betrokken partijen zijn ermee bekend en willen actie ondernemen, maar met zicht op de toenemende stroom van internationale studenten in Nederland lijkt de druk hoger te worden.
Door: Mai-Lin Steegers en Ylva Verbeek

Stella studeert sinds januari rechten aan de Universiteit van Tilburg. Toen ze de kans kreeg om via een uitwisselingsprogramma in Nederland te studeren, moest ze een woning zien te vinden vanuit Zuid-Afrika. Tijdens haar zoektocht stuurde ze gemiddeld vijftig mails per dag, maar ze werd afgewezen, omdat ze een internationale student is. Ze heeft uiteindelijk een woning weten te bemachtigen via Facebook, maar de zoektocht was niet makkelijk. “In Zuid-Afrika is er op maatschappelijk niveau wel xenofobie, maar zoiets heb ik nog nooit meegemaakt.”

Maar hoe vaak komt deze vorm van discriminatie voor? In de grootste Facebookgroep voor woonruimtes in Tilburg (45.000 leden) worden dagelijks berichten geplaatst. Met scraping software, een techniek waarbij een webpagina wordt geanalyseerd, is te berekenen in hoe veel berichten de termen ‘no internationals’ of ‘Dutch only’ voorkomen. Uit deze berekening blijkt dat 55 van de 150 geanalyseerde advertenties één van deze termen bevat. In de groep voor Breda (17.000 leden) is dit 51 van de 150 berichten.
Er zijn dertig berichten gestuurd naar verschillende adverteerders in Tilburg met de vraag waar de keuze vandaan komt.

Klik hier onder voor enkele reacties van studenten.

 

“Ik denk dat ze bang zijn om zichzelf niet meer thuis te voelen in hun eigen huis.”

Ook in het huis van Sara (25) zijn geen internationale studenten toegestaan. In haar geval heeft haar huisbaas dat bepaald, maar ze kent ook studenten die bewust geen internationale studenten laten hospiteren. “Studenten zijn toch best egocentrisch bij het maken van deze keuze . Ze denken niet aan de cultuur of de gezelligheid. Het is voor hen een drempel om de hele dag Engels te praten; op de universiteit maar ook thuis. Ik denk dat ze bang zijn om zich niet meer thuis te voelen in hun eigen huis.”

Volgens Sara ligt de verantwoordelijkheid dan ook niet bij de studenten, maar bij de onderwijsinstellingen en de gemeente: “Het is niet goed dat we internationale studenten hierheen halen en we ze vervolgens niet kunnen faciliteren. Dit moet hogerop beter geregeld worden.”

Discriminatie melden

Iedereen die met discriminatie te maken krijgt, kan terecht bij verschillende instanties. Dave Bekkering is klachtenbehandelaar bij Radar, een landelijk discriminatiemeldpunt. Hij houdt zich al jaren bezig met de juridische kant van de meldingen die aankomen bij de vestging in Tilburg. Het vraagstuk rondom de ‘Dutch only-voorwaarde’ is daar, net als bij gemeenten en onderwijsinstellingen, al langer bekend.

Bekkering zegt wederom dat het lastig aan te pakken is: “In de privésfeer mogen mensen discrimineren. Je mag zelf bepalen wie je in huis neemt, maar een huisbaas mag deze eis niet stellen. Dit maakt het lastig om te achterhalen welke bewoners uit privésfeer handelen of worden tegengehouden door de huisbazen.” Daarnaast komen er ook weinig meldingen binnen: “Wij hebben drie meldingen gekregen en alle drie wilden ze de procedure niet doorzetten. Het zou fijn zijn als dit wel gebeurt, zodat er jurisprudentie ontstaat.”

Bij het College voor de Rechten van de Mens kun je ook met een klacht aankloppen. Op de site van zowel Radar als het College van de Rechten van de Mens staat echter geen optie om de website in een andere taal weer te geven. De meeste mensen die in deze gevallen worden gediscrimineerd, hebben een andere nationaliteit en zijn wellicht minder bekend met de Nederlandse taal. Dit zou ook een extra obstakel kunnen zijn voor het maken van een melding.  Op de vraag of dit eventueel zou bijdragen aan het lage aantal meldingen, kon Bekkering geen antwoord geven.

 

Situatie in Tilburg

De Universiteit van Tilburg heeft een grote groep studenten die hier sneller mee in aanraking komen. Dit studiejaar telt de universiteit zo’n 4.100 buitenlandse studenten. Ook daar merken ze het huisvestingsprobleem van hun studenten: in september hebben ze hen verzocht om niet naar Tilburg te komen zonder woonplek. Rector Wim Van der Donk keurt de term ‘Dutch only’ af en heeft alle Tilburgers opgeroepen om ‘een student in huis te nemen’.

De universiteit probeert de acute nood te temperen: “Studenten worden tijdelijk opgevangen. Zo hebben ze nog een paar weken hebben om permanente huisvesting te zoeken”, zegt Imre Van der Meulen van het College van Bestuur. Dit is een optie voor een selectief aantal studenten, maar niet voor iedereen die een woning zoekt.

 

Tijdelijke huisvesting

Juliano (leeftijd en echte naam is bekend bij de redactie) is een van de studenten die wel is opgevangen door de universiteit. Hij wil liever anoniem blijven, uit angst voor problemen met zijn studie. Hij verbleef in een van de tijdelijke accommodaties geregeld door de universiteit, een bungalow in Safaripark Beekse Bergen. De bungalow is 30 m² groot en bevat twee slaapruimtes. In deze ruimte woonde Juliano met twee andere huisgenoten – met als extra huisgenoot een muis in het plafond. Voor een periode van zes weken (3 september 2021 tot en met 15 oktober), betaalden ze per persoon 646,60 euro. Wat uitkomt op een totaalbedrag van 1939,80 euro. Volgens Juliano was de situatie niet ideaal, maar was hij opgelucht om een dak boven zijn hoofd te hebben.

Onderstaande foto’s van Juliano’s verblijf:

Bron: Juliano

 

Samenwerking gemeente en onderwijs
Ook voor de gemeente is deze kwestie een knelpunt. “Het weigeren van studenten op basis van hun nationaliteit (of religie, sekse, et cetera) is bij wet niet toegestaan. Het stadsbestuur wil een duidelijk signaal afgeven dat discriminatie, ook op het gebied van huisvesting, niet acceptabel is”,  aldus wethouder Oscar Dusschooten.
De gemeente heeft studentenhuisvesting als opgave benoemd in haar Woonagenda 2020-2025. In 2021 is er een brief gestuurd naar studentenverenigingen en verhuurders van kamerverhuurpanden. Hierin roept het stadsbestuur hen op aandacht te hebben voor deze problematiek. Naast de oproep aan verhuurders, gaat de gemeente ook samenwerken met Tilburgse hogeronderwijsinstellingen. Deze afspraken zijn vastgelegd in de ‘Convenant studentenhuisvesting Tilburg 2020-2025’.
Resultaten van deze samenwerking zijn de CobbenCampus en The Rumour. Beide complexen vallen in de hogere prijsklasse. The Rumour zal tussen de 600 tot 1000 euro huur per maand bedragen plus 220 voor bijkomende kosten als gas water licht en onderhoud. Daarnaast mag de eerste lichting bewoners de woning niet langer huren dan 6 maanden. Ze mogen daarna wel overstappen naar de CobbenCampus. Hierdoor proberen ze de toestroom van internationale studenten op te vangen in augustus en februari. Ook moeten er in het najaar van 2022 450 appartementen voor internationals klaar zijn bij het Reitseplein. Toch blijft het tekort groot, ondanks alle initiatieven. Dit komt door het groeiende aantal buitenlandse studenten in Nederland. Lees hier meer over in de onderstaande infographic.

Een van de gezichten achter deze cijfers is Milo (27) uit Mexico. Hij volgt momenteel een master aan de Universiteit van Tilburg. Toen hij naar Nederland kwam, dacht hij een kamer gevonden te hebben. Dit bleek echter alleen een kijkavond te zijn. Hij werd niet uitgekozen. Daarop volgden twee weken zonder vaste woonplaats. Kijk de video voor zijn volledige verhaal.

Landelijk actieplan

Om mensen zoals Milo te helpen, heeft voormalig minister van Binnenlandse Zaken Kajsa Ollongren het ‘Landelijk Actieplan Studentenhuisvesting’ opgezet. Het plan bestaat uit drie pijlers.

De eerste gaat over het beter in kaart brengen van vraag en aanbod van studentenhuisvesting. Deze cijfers moeten duidelijker worden. Pijler twee gaat over de mogelijke uitbreiding van het aantal studentenhuisvestingen. Dit wordt gebaseerd op de cijfers van pijler één.
De laatste pijler richt zich op het informeren van studenten over de rechten en plichten als huurders. Het doel hiervan is om de positie van studenten te versterken ten opzichte van de verhuurders.

Dit plan liep af in 2021, maar leden van de PvdA, GroenLinks, BBB en SP vonden de resultaten niet overtuigend genoeg. Zij stelden in september van vorig jaar Kamervragen over de voortgang van het plan.

“We zien dat de instroom van studenten naar alle waarschijnlijkheid de komende jaren hoger uitkomt dan eerder is ingeschat.”

Zij beantwoordde deze vragen op 6 oktober in een kamerbrief. Hierin gaf ze aan dat de universiteiten en de gemeenten verantwoordelijk zijn voor voldoende huisvesting. Dit hielp de tekorten echter niet, Ollongeren gaf aan dat de toestroom van studenten groter was dan verwacht. “We zien dat de instroom van studenten naar alle waarschijnlijkheid de komende jaren hoger uitkomt dan eerder is ingeschat. De eerste ramingen laten een forse toename zien in het aantal inschrijvingen, zowel van Nederlandse als van internationale studenten.”

Zeker in de piekmaand september, het begin van het studiejaar, is de vraag groot. “Dit jaar is deze groter, doordat veel tweedejaars voor het eerst op kamers gaan door Covid-19 en doordat internationale studenten die hun eerste jaar aan een Nederlandse opleiding vanuit het buitenland deden,” aldus de minister.

Naar aanleiding van de kamerbrief is er contact opgenomen met Nicolette Stoel, woordvoerder van de afdeling ‘Wonen’, over de voortgang van het plan. Zij verwees naar de kamerbrief van 7 september. Hierin schrijft Ollongren: “Veelal
kwetsbare groepen en starters op de woningmarkt hebben het extra moeilijk. Deze huisvesting vraagt om een gerichte aanpak. De financiële regeling voor de huisvesting van aandachtsgroepen die dit najaar opent, kan ook ingezet worden voor studentenhuisvesting. Net als in 2020 stelt het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een bedrag van € 50 miljoen beschikbaar voor het vergroten van het aanbod voor diverse aandachtsgroepen op de woningmarkt.”

Op de lange termijn

De toestroom van (buitenlandse) studenten lijkt de komende jaren niet af te nemen. Dit vraagt om oplossingen voor een langere termijn. Bouwen helpt de woningnood, maar het tegengaan van discriminatie vergt een andere aanpak. Zonder verandering van mentaliteit blijft ‘Dutch only’ op de Facebookpagina’s terugkomen en missen studenten wellicht de voordelen van andere culturen bij hun thuis.