Door Julia Kanters en Tijmen Prumpeler

Harde muziek, veel drank en felgekleurde lichten. De sfeer was gezellig zoals altijd en iedereen had het naar zijn zin. Tot dat moment zich weer voor doet, het is tijd om te roken. Van de vijftien mensen gaan er twaalf naar buiten om een sigaretje op te steken. Maar ik dit keer niet, ik heb besloten te kijken hoe lang ik het vol kan houden om niet op een feest te roken. Het voelt raar en alleen om te zien dat je maar met drie van de vijftien mensen over blijft. Ik zie nu pas in hoe ongezellig dat eigenlijk kan zijn, achterblijven omdat je niet rookt.

Voor veel studenten is het een herkenbare term, partyroken. Het prettig vinden om op een feestje, borrel of tijdens het uitgaan een sigaretje (of meerdere) op te steken. Cijfers van het Trimbos Instituut laten zien dat veel van deze partyrokers niet de behoefte hebben om te stoppen met het roken van sigaretten. De grootste en bijna de enige daling die er de afgelopen tien jaar is geweest was 1,2 procent (tussen 2015 en 2016). In tegenstelling tot het aantal vaste rokers (gemiddeld 0,8 procent per jaar) daalt het aantal partyrokers de afgelopen jaren nauwelijks. Hoe afhankelijk van sigaretten ben je als ‘partyrokende’ student nou echt? Benaderde experts op het gebied van roken en gedrag vinden dat deze groep toch vrij afhankelijk is. Ondanks deze constatering zijn er de afgelopen jaren geen campagnes gemaakt voor deze specifieke groep.

Ik, Tijmen Prumpeler, probeerde een zo lang mogelijke tijd geen sigaret te roken op feesten en partijen. Hierbij heb ik iedere week een korte vlog gemaakt om te beschrijven hoe het gaat en wat ik ervaar. Wil jij deze hele vlog bekijken? Bekijk hem dan hier.

 

Rokende studenten  

Aan de hand van de data die het Trimbos Instituut van de gezondheidsenquête van de Rijksoverheid heeft gebruikt is gebleken dat de groep 18- tot 29 jarigen het hoogste percentage aantal gelegenheidsrokers heeft. De gemiddelde leeftijd van een student is volgens het Kences instituut 22,1 jaar. De meeste adolescenten die ‘niet elke dag’ roken zijn dus in deze levensfase een student op het MBO, HBO of WO.

Tijdens deze studentenjaren rookt gemiddeld 11,4 procent niet elke dag. Volgens Tilman Karsten, medewerker bij het Trimbos Instituut, kunnen wij deze groep de partyrokers noemen. Het is één van de vier categorieën: zware, matige, lichte en niet rokers. Karsten legt uit dat de groep ‘partyrokende’ studenten onder de lichte verslaafden valt. Deze groep rookt gemiddeld 2,5 sigaretten per dag, dat neerkomt op toch 912 (en een beetje) sigaretten per jaar, waar je in totaal 350 euro voor mag dokken.

Verslaafd 

Karsten ziet de groep ‘partyrokende studenten’ zeker als verslaafd. “Ze zijn niet lichamelijk, maar wel zeker geestelijk verslaafd.” (Zie tabel voor uitleg). In Nederland is roken het derde meest verslavende middel, na crack en heroïne. Je kunt dus zeggen dat mensen sneller afhankelijk zijn van een sigaret dan van een biertje. Dit komt omdat de nicotine direct in de hersenen komt. In tegenstelling tot alcohol, dat eerst via de maag gaat. Hoe korter die link is, hoe verslavender het middel. Door de nicotine wordt er een gelukstofje aangemaakt: dopamine. Het beloningssysteem in de hersenen wordt hierdoor geactiveerd en het lichaam wil er daardoor meer van.

 

verschil verslaving

In het begin merkte ik dat het soms makkelijker was dan andere keren. Als ik op een borrel was waar de meerderheid een peuk op stak, kreeg ik zelf ook steeds meer de behoefte om dat ook te doen. Ik had gehoopt dat naarmate het onderzoek langer duurde, ik ook de drang verloor om te roken. Dit bleek helaas niet het geval.

Een biertje op zijn tijd

Ook alcoholische versnaperingen zijn onder de studenten populair. De alcohol haalt volgens Karsten de rem van onze normen en waarden weg. “Bij een keuze waar we eerst gewoon rustig over na zouden denken is de beslissing na alcohol al snel genomen zonder die rem”, zegt Karsten.

Mensen creëren volgens gedragspsycholoog Denise Venema heel snel sterke associaties. “Als je gaat roken op een feestje ga jij alcohol associëren met tabak. Dit wordt in het systeem opgenomen en het wordt een gewoonte.” Dit, in combinatie met de nicotine, kan partyroken volgens Venema snel verslavend maken. Het beginnen aan partyroken is per persoon verschillend. Studenten zijn nog heel gevoelig voor groepsdruk en de sociale norm. Als studenten mensen van hun leeftijd die op hun lijken zien roken, willen zij dat daarom ook, vertelt Venema. Studenten hebben nog niet een volledig ontwikkeld brein, waardoor zij veel meer kijken naar het heden dan naar de toekomst. Ook sociale media spelen volgens Venema mee, die houden het in stand omdat je nog meer de druk voelt om te roken. “Als je Ronnie Flex met een peuk in z’n hand ziet, wil je dat ook al snel doen omdat jongere mensen naar hem opkijken.”

 

Drie weken later ging ik weer eens een avondje op het terras zitten, zoals ik dat wel vaker had gedaan in de tijd dat ik gestopt was met roken. Mijn verwachting was dat de drang naar een sigaret wel groot zou zijn, maar dat ik het gewoon zoals de vorige keren naast me neer kon leggen. Deze keer was het gevoel anders. Ik zag het pakje peuken daar op tafel liggen en het gevoel om te roken werd sterker en sterker. In het begin twijfelde ik nog maar uiteindelijk dacht ik ‘ach fuck it’ wat maakt het ook uit. Laat me toch lekker zo’n sigaretje roken als ik daar zin in heb’. Mijn eerste peuk in drie weken. Het effect was veel intenser dan ik verwacht had. De roes zorgde ervoor dat ik veel lichter in mijn hoofd werd en ook mijn handen en voeten begonnen hevig te tintelen. Dit gevoel. Dit heb ik gemist de afgelopen weken.

In de genen

Veel mensen hebben nadat ze gestopt zijn moeite om niet weer opnieuw te gaan roken. Volgens Wanda de Kanter, longarts verbonden aan het Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis te Amsterdam, heeft dat niet met wilskracht te maken. Volgens haar is het genetisch bepaald of iemand kan stoppen met roken of niet. ”De ene persoon kan gelijk stoppen met roken en de andere valt meerdere keren terug in zijn oude rookgewoontes. Dit zit in je DNA en verschilt dus van mens tot mens”. Volgens de Kanter is het bij studenten ook een gevaar dat het roken zo normaal is geworden in hun dagelijkse leven, dat ze er constant mee te maken krijgen. Zo zijn ze dus geneigd om vaker per week te roken.

 

Gezelligheid of groepsdruk 

Om de uitspraken over roken onder studenten te onderbouwen is er gebruik gemaakt van een enquête. Deze is beantwoord door 101 medestudenten. Van deze 104 studenten hebben 64 kandidaten drie extra vragen beantwoord. Dit kwam door een latere aanpassing in de enquête. Dit is ook af te lezen in de enquête. De resultaten die hierin naar boven kwamen waren in de lijn der verwachtingen. Daaruit blijken veel uitkomsten overeen te komen met de uitspraken van de gesproken experts. Zo gaf de grote meerderheid aan wel te kunnen stoppen. Dit ondanks het feit dat ze wel meerdere keren per week sigaretten roken.

De antwoorden kunnen naast de lijst van de elf criteria worden neergezet. Zo kunnen de antwoorden van de enquête onder de partyrokende studenten worden vergeleken met waar je aan voldoet als je een tabaksverslaving hebt. Een van die overeenkomsten is bijvoorbeeld of het aantal sigaretten door de tijd heen is toegenomen. Dit is, bij de enquête die is afgenomen, ruim 66 procent. Ook heeft 68 procent nooit geprobeerd te roken en is dit dus niet gewenst. Op de schaal van 1 tot 10 neigt deze groep van 101 studenten gemiddeld met een 7,4 naar een sigaret.

 

Toen ik de volgende dag weer nuchter wakker werd, bekroop me gelijk een schuldgevoel. Waarom heb ik er nou aan toegegeven? Gisteravond was niets bijzonders en toch is het me niet gelukt. Ik zat te twijfelen wat ik nou ging doen. Ga ik nou weer beginnen of zie ik dit als een kleine terugval waar ik van kan leren. Ik heb uiteindelijk toch maar besloten om door te gaan en te kijken hoe ver ik weer zou komen.

 

Partyrokende studenten is een hardnekkige groep. Cijfers van het Trimbos Instituut laten zien dat deze groep gemiddeld het minst hard daalt. Dit ondanks het feit dat de overheid ieder jaar bezig is met het opzetten van campagnes tegen roken. Stoptober is het bekendste voorbeeld hiervan. Volgens de organisatie zelf hebben ze er al voor gezorgd dat 350.000 mensen zijn gestopt met roken. Debbie Prijs, campagnemanager bij Stoptober, zegt momenteel geen noodzaak te voelen om toch in te gaan spelen op die hardnekkige groep partyrokers. ”Onze campagne is gericht op iedereen boven de achttien, echter zien we wel dat de grote meerderheid die meedoet aan Stoptober boven de dertig is.” Dit komt volgens Prijs voornamelijk omdat mensen vanaf die leeftijd meer gaan kijken naar hun eigen gezondheid en de toekomst. ”Om partyrokende studenten aan te spreken zou een aparte campagne moeten worden opgezet. Ze trekken zich simpelweg veel minder aan van de boodschap, dan oudere vaste rokers”, aldus Prijs.

Ook gedragspsycholoog Denise Venema sluit zich daarbij aan; ”Het is eigenlijk heel vreemd dat er een hele leeftijdsgroep wordt overgeslagen door campagnes, dit zijn juist de mensen die nog vatbaar zijn voor sociale druk en daarom zou er meer aandacht naartoe moeten gaan.”
Ik denk dat ik wel kan concluderen dat ik redelijk ben teruggevallen in mijn oude gewoontes. Ik merk dat de moeite die ik ervoor wilde doen er niet echt meer is. Daardoor is de drempel om een sigaret op te steken ook een stuk kleiner geworden. Ik heb gemerkt dat ik afhankelijker van sigaretten ben, dan dat ik eerst bij voorbaat dacht. Ik vind het moeilijk om te beseffen dat ik als ‘onschuldige partyroker’ toch zo verslaafd ben, dat ik een maand lang stoppen met roken op feestjes niet heb kunnen volhouden.