De veiligheidsmaatregelen die in Nederlandse voetbalstadions worden getroffen zijn makkelijk te omzeilen. Vuurwerk kan in kleding verstopt worden en mensen met een stadionverbod kunnen in de meeste gevallen vrij eenvoudig tóch het stadion betreden. Een nieuw puzzelstukje in de zoektocht naar een oplossing is op komst, in de vorm van een digitale meldplicht-app.

Rowan Havelaar & Jip Schrijvers

Joris de Lange, manager wedstrijdoperatie en veiligheid bij Ajax, bereidt met zijn afdeling de wedstrijden voor, voert de veiligheidsmaatregelen uit en evalueert ze. Niet alle bezoekers in de Johan Cruijff ArenA worden gefouilleerd. Alleen op de F-Side, waar de harde kern van Ajax staat, is het de bedoeling dat dit bij iedereen gebeurt. Dit is omdat daar volgens De Lange het merendeel van het vuurwerk wordt afgestoken. “In andere delen van het stadion is de opdracht aan de steward dat hij continu moet fouilleren. Maar als hij bezig is met het fouilleren van een persoon, kunnen de mensen die dan binnenkomen langs hem heen alsnog naar binnen.’’ Dat gaat over het algemeen wel goed, omdat De Lange ziet dat op die tribunes weinig vuurwerk te zien is. “Maar op de F-Side komt er nog steeds vuurwerk binnen. Als ik wist hoe dat kon, dan kwam het niet naar binnen. Dus daar zit ergens een lek in het systeem.’’

Voorbeelden

Als voorbeelden noemt hij de thuiswedstrijden tegen PSV en Borussia Dortmund. Hier zijn tientallen fakkels op de F-Side afgestoken, terwijl iedereen gefouilleerd was en er bij niemand vuurwerk was aangetroffen.  

Tijdens Ajax – Besiktas in de UEFA Champions League werd er vanuit het uitvak veel vuurwerk naar beneden gegooid richting het thuispubliek. “Er is vooraf een risicoanalyse gemaakt, waarbij dit al voorspeld werd”, zegt De Lange. “Vandaar dat er ook een net bij het uitvak is geplaatst, er vakken naast het bezoekersvak zijn vrijgehouden en dat er ook één op één gefouilleerd is.’’ Maar de supporters kwamen allemaal tegelijkertijd met de metro vanuit de binnenstad naar het stadion. “Ze waren wat ongeduldig, dus ze zijn doorgeduwd door de mensen die daar moesten fouilleren.’’ Na de poortjes is dat nog geprobeerd te herstellen, maar De Lange sluit niet uit dat dat is aangegrepen door mensen om vuurwerk mee te nemen. “We hebben vooraf veel vuurwerk in beslag kunnen nemen, maar niet alles.” 

‘Kinderlijk eenvoudig’

Bernard Gerritsma, Safety & Security Manager bij Feyenoord, ziet ook dat in De Kuip het fouilleren niet vlekkeloos verloopt. “Er is een beeldvorming ontstaan waarbij mensen de optiek hebben dat fouilleren een bijdrage gaat leveren om bepaalde voorwerpen niet in het stadion te hebben, dat is niet te realiseren.’’ 

Gerritsma geeft aan hoe eenvoudig het kan zijn om verboden middelen De Kuip mee in te nemen. “Ik hoef geen raketgeleerde te zijn om te constateren dat het kinderlijk eenvoudig is om vuurwerk of andere verboden middelen binnen te krijgen. Het terrein om het stadion is afgezet met een 2,5 meter hoog hekwerk, het is dus redelijk eenvoudig om bijvoorbeeld iets over het hekwerk te gooien. We proberen alles zo goed mogelijk af te sluiten en te monitoren maar het is nooit waterdicht.”

Stewards

Hoewel fouilleren de taak van de stewards is, neemt Gerritsma hen de misstanden niet kwalijk. “Er wordt gefouilleerd door stewards die minimaal opgeleid zijn en weinig tot geen ervaring hebben om dit soort handelingen te verrichten. Het is gewoon heel erg lastig om mensen goed en grondig te fouilleren. Daarnaast is de tijdsdruk om 45.000 bezoekers op tijd voor aanvang van de wedstrijd in het stadion te krijgen erg hoog.’’

Dit in tegenstelling tot de stewards bij Ajax, die volgens De Lange een goede opleiding hebben genoten om steward te worden. “De interne opleiding om steward te worden is drie avonden en een dag. Daaronder vallen wedstrijden waarbij ze stage lopen. De KNVB heeft samen met de UEFA een landelijke opleiding opgezet voor het basisniveau dat je moet hebben. Alle clubs kunnen dat ombuigen naar hun eigen situatie.’’ De Lange denkt dat de kwaliteit van de beveiliging bij Ajax te vergelijken is met die van evenementenbeveiliging. “Sommige stewards hebben al eerder iets met beveiliging gedaan, maar niet allemaal.” 

Volgens Bernard Gerritsma is fouilleren “in feite niets meer dan het oppervlakkig aftasten van de kleding.” Fransien Maas, hoofdsteward van FC Den Bosch, beaamt dat. Zij mogen als steward niet op alle plekken van het lichaam fouilleren, en daar maken de mensen die spullen meesmokkelen gretig gebruik van. “Ze hebben plekjes waar ze vuurwerk en drugs heel goed kunnen verstoppen. Ze stoppen het gewoon in hun onderbroek en daar kunnen wij niks tegen doen.”

Machtspositie

Vuurwerk het stadion in krijgen is dus ‘kinderlijk eenvoudig’, maar nog altijd illegaal. Ook buiten het stadion gelden diezelfde regels. Toch groeperen supporters zich, zeker in tijden van gesloten stadions in verband met de coronamaatregelen, regelmatig met vuurwerk rondom de Nederlandse voetbalstadions. De politie moet in dat geval lastige keuzes maken, die mede tot stand komen door gesprekken met supportersgroepen. 

“We proberen in verbinding te komen met de supporters”, vertelt Arjan Meijndert, operationeel specialist C voetbaleenheid Rotterdam. “Dat is kracht van de voetbaleenheid.” Voorafgaand aan de laatste editie van Feyenoord – PEC Zwolle werd er op het voorplein van De Kuip vuurwerk afgestoken door de Feyenoord-supporters.

De politie was hiervan vooraf op de hoogte, omdat de supporters zelf contact zochten met de politie. Dit contact wordt ook vaak door de politie gemaakt, het initiatief komt van beide kanten.  

Door deze gesprekken te voeren wil de politie te weten komen wat de supporters van plan zijn. “Met die voorstellen gaan we overleggen met de burgemeester en de politiechefs.” Uiteindelijk maakt de burgemeester de beslissing om wel of niet in te grijpen, in het geval van Feyenoord – PEC Zwolle werd er niet ingegrepen. Dit was om escalatie te voorkomen. Op deze manier kunnen supporters soms hun gang gaan door simpelweg contact op te nemen met de politie. 

Meijndert vindt niet dat de supporters hiermee een machtspositie hebben: “Voor de buitenwereld is dat misschien zo, maar er zit een hele operatie omheen. Als we bij Feyenoord – PEC Zwolle hadden gehandhaafd betekende dat zo’n driehonderd man extra inzet over het gehele weekend. Soms is het een tactische overweging om niet in te grijpen. Als het echt zo is dat wij de supporters macht geven bevinden wij ons op een hellend vlak. Het is absoluut niet zo dat we in gesprek gaan om ze macht te geven.”

Stadionverboden

Vuurwerk afsteken buiten het stadion en verboden middelen het stadion binnensmokkelen is voor supporters dus vaak betrekkelijk eenvoudig, maar hoe zit het met supporters zelf? Joris de Lange erkent dat mensen met stadionverboden alsnog binnen kunnen komen in de Johan Cruijff ArenA. Bij een stadionverbod worden de kaarten geblokkeerd die op naam van die persoon staan. Als iemand anders op een andere naam een kaartje koopt, kan die kaart dus wel gebruikt worden. Dat systeem is niet waterdicht, merkt ook De Lange. Wel wordt er bij de ingangen steekproefsgewijs gecontroleerd op legitimatiebewijzen. Af en toe wordt er dan iemand uitgepikt met een stadionverbod. Als je wordt gepakt na het overtreden van het verbod, wordt het verbod met nog eens drie jaar verlengd. Als mensen dus alsnog binnenkomen, verwacht De Lange dat ze stil zullen zitten en niet op willen vallen. “Dan is er ook een doel bereikt, namelijk het stoppen van wangedrag.’’

Ook in De Kuip kunnen mensen met een stadionverbod vrij makkelijk binnenkomen, bevestigt Bernard Gerritsma. “Het is kinderlijk eenvoudig om met een stadionverbod alsnog een kaart te bemachtigen, omdat de toegangscontrole gebaseerd is op een kaart en niet op identiteit. Als we in Nederland de toegang op basis van identiteit regelen pak je gelijk het probleem met betrekking tot stadionverboden aan. Dat zie ik als de ideale oplossing.’’

 

Onderscheid

Het vragen naar identiteit doen ze volgens Joris de Lange bij Ajax geregeld. Maar daarin wordt wel onderscheid gemaakt. Er staan bij Ajax bijvoorbeeld geen vrouwen op de lijst met stadionverboden, en ook mensen boven de leeftijd van vijftig staan er nauwelijks op. Dit soort mensen worden dus minder snel gevraagd naar hun identiteitsbewijs. De focus ligt vooral op mannen tussen de 15 en 35 jaar. 

Gerritsma vindt dat je niet van stewards kunt verwachten dat ze alle mensen met stadionverboden herkennen. “Wij hebben ongeveer 150 stadionverboden. Die mensen kennen wij niet allemaal, we hebben geen pasfoto in ons brein zitten.’’

Biometrische scanners 

Bij ADO Den Haag hoeven de stewards de pasfoto’s niet voor de geest te halen. De techniek in het Cars Jeans Stadion zorgt namelijk voor een nagenoeg waterdicht systeem dat controleert op stadionverboden. Met behulp van biometrische scanners wordt daar het probleem aangepakt. “Mensen met een seizoen- of clubkaart zijn verplicht een biometrische foto te laten maken van het gezicht”, vertelt Marcel van der Holst, stadionmanager ADO Den Haag, tegenover EenVandaag. “Wanneer iemand een stadionverbod heeft wordt zijn gezicht op de blacklist gezet.” Een veiligheidssysteem waar andere clubs jaloers van zouden moeten worden. Ook Arjan Meijndert, voetbaleenheid Rotterdam, is voorstander van de techniek.

Een verplichting van biometrische techniek vindt hij dan ook geen gek idee. “Het zou mij niet verbazen als dat op een gegeven moment gebeurt. Maar van de andere kant moet je ook kijken naar het financiële gedeelte, kijk maar naar een club als Excelsior. Daar gaat bijna nooit wat fout, als ze daar een miljoen moeten investeren om biometrische systemen te installeren is dat onnodig.” Biometrische techniek haalt de verantwoordelijkheid van het herkennen van mensen van de stewards af, maar kost dus veel geld.

Digitale meldplicht

Een betaalbaar middel om het probleem aan te pakken wordt nu opnieuw uit de kast gehaald, in de vorm van een digitale meldplicht. In 2015 werd in Nederland de voetbalwet aangescherpt. Een belangrijk punt was de digitale meldplicht, die vanaf toen kon worden ingezet. Echter gebeurde dat nauwelijks, en de beoogde maatregel verdween de laatste jaren uit beeld. Nu het vanwege de coronamaatregelen stil is bij de voetbalstadions, wordt er achter de schermen hard gewerkt aan een nieuwe app. “Een nieuw puzzelstukje in het natraject”, zo noemt Julian van Nieuwkoop, operationeel expert politie Rotterdam, de aanstaande digitale meldplicht.

De werking

De bedoeling is dat mensen met een stadionverbod voortaan standaard een digitale meldplicht opgelegd krijgen. Hoe gaan de ontwikkelaars zorgen dat de app waterdicht is? Het begint bij het instellen van de app. De persoon met de sanctie meldt zich op het politiebureau om de app, onder toeziend oog van de politie, te installeren. Vervolgens moet de supporter zijn Face-ID of vingerafdruk invoeren om zo in te kunnen loggen op wedstrijddagen. Deze instellingen zijn niet meer te wijzigen.

“Met deze meldplicht mag je tussen een aantal uur vóór en na een thuiswedstrijd niet in een bepaald gebied rondom het stadion komen”, vertelt Van Nieuwkoop. “In die periode krijg je op willekeurige tijdstippen een aantal keer de mogelijkheid om je te melden, dat is het idee.” Een groot voordeel ten opzichte van een fysieke meldplicht is de gebruiksvriendelijkheid. “Je mag in het hele land zijn, behalve het gebied rondom het stadion. Daarbij kunnen we de locatie niet tracken, maar zien we alleen of de persoon wel of niet in het aangegeven gebied is.”

Let op: Dit is een prototype gemaakt door de redactie, het geeft slechts een indicatie van hoe de app eruit zou kunnen zien.

Eigen verantwoordelijkheid

Dat de digitale meldplicht de nieuwe standaard moet worden betekent niet dat de fysieke variant helemaal gaat verdwijnen. “Je bent er zelf verantwoordelijk voor dat je een geschikte telefoon hebt, dat hij opgeladen is en dus werkt. Heb je dat niet? Dan krijg je automatisch een fysieke meldplicht. Ook kunnen supporters zelf voor deze optie kiezen. De fysieke meldplicht blijft altijd bestaan”, laat de operationeel expert weten.

Proces

Onder regie van het ministerie van Justitie en Veiligheid, dat de app financiert, werkt Van Nieuwkoop met een werkgroep aan het project. Er zijn al een aantal prototypes getest en Rotterdam zou volgens Van Nieuwkoop graag de pilotgemeente worden. “Uitzicht op een exacte datum is er nog niet. Er zit heel veel tijd in, mede omdat er ook veel rekening moet worden gehouden met privacy.” Momenteel is het dus wachten, Van Nieuwkoop is positief gestemd over de eventuele uitkomst. “Ik denk vooral dat het land zit te wachten op deze app, zodra hij er is zal er zeker gebruikt van worden gemaakt”, aldus Van Nieuwkoop, die zo snel mogelijk de app wil lanceren om zo mensen met stadionverboden écht uit de stadions te weren.